Wijzigingen pensioenreglement

Gebruik van soepelere regels voor pensioenverhogingen
In 2027 stapt ABP over op het vernieuwde pensioenstelsel. Daarom kunnen we nu al gebruikmaken van soepelere regels van de overheid. Onder deze regels kreeg een pensioenfonds tijdelijk in 2022 en 2023 meer ruimte om de pensioenen te verhogen. Maar we letten er ook op dat er voldoende vermogen is als we overstappen op de nieuwe regels voor pensioen. Dat vinden we belangrijk. Om de pensioenen per 1 januari 2024 te kunnen verhogen hebben we het pensioenreglement op deze punten aangepast. Lees op deze pagina meer over de verhoging van 1 januari 2024.

Nieuwe procedure bij klachten en start GIP
Wij doen er alles aan om uw pensioenregeling zo goed mogelijk uit te voeren. Toch kan het soms voorkomen dat u het ergens niet mee eens bent. U kunt dan een klacht indienen. De manier waarop wij daarmee omgaan is veranderd. Dit vloeit voort uit de Wet toekomst pensioenen die per 1 juli 2023 is ingegaan. Daarin staan de nieuwe regels voor pensioen. Hierover leest u meer op deze pagina. De veranderingen zijn opgenomen in ons pensioenreglement per 1 januari 2024.
Komt u er niet uit met ABP, dan kunt u naar Geschillen Instantie Pensioenfondsen (GIP)  stappen. Op 1 januari 2024 is deze geschilleninstantie van start gegaan. Zij kijken gratis naar uw geschil met ons fonds. Meer informatie over GIP vindt u op de website geschilleninstantiepensioenfondsen.nl.

Intentieverklaring is niet meer nodig als u eerder met pensioen gaat
Bij ABP kunt op zijn vroegst op uw 60ste met pensioen. Vóór 1 juli 2023 moest u een intentieverklaring tekenen als u meer dan 5 jaar voor uw AOW-leeftijd met pensioen ging. Hierin verklaarde u niet meer te gaan werken als u met pensioen ging. Koos u voor gedeeltelijk pensioen? Dan verklaarde u voor hetzelfde percentage dat u pensioen opnam, (minimaal) minder te gaan werken. Met ingang van de nieuwe regels (in de Wet toekomst pensioenen) voor pensioen op 1 juli 2023 zijn de belastingregels veranderd. Sindsdien is de intentieverklaring niet meer nodig. Daarop is het pensioenreglement aangepast. Lees meer hierover in dit nieuwsbericht.

Nieuwe tarieven en factoren
Bij het maken van pensioenberekeningen, gebruiken we factoren. Denk aan:

  • het inruilen van een nabestaandenpensioen voor meer ouderdomspensioen of omgekeerd. Daar kunt u voor kiezen als u met pensioen gaat;
  • het berekenen van hoeveel u krijgt bij de afkoop van een pensioen, of;
  • het vaststellen van uw pensioen per maand als u uw pensioen eerder of later wilt laten ingaan. Dan rekenen we uw pensioen om naar het moment van uw keuze.
  • de tarieven voor het nettopensioen. Dit geldt alleen als u pensioen opbouwt in de nettopensioenregeling over een salaris boven de wettelijke grens van € 137.800.

Deze factoren veranderen elk jaar, omdat onder meer de rente verandert. De nieuwste factoren staan in het reglement per 1 januari 2024. De uitkomsten van de berekeningen die in 2023 zijn gemaakt, kunnen in 2024 daardoor anders (hoger/lager) uitpakken. Dat is belangrijk als u een berekening hebt laten maken in 2023, maar uw pensioen ingaat in 2024.

Referentiemaandloon in plaats van wettelijk minimum maandloon
De overheid heeft een wettelijk minimumloon per uur ingevoerd. Dat is gekomen in plaats van het wettelijk minimumloon per maand, week of dag. Wij moeten bedragen doorgeven op basis van een hele maand. Daarom gebruiken we vanaf nu het referentiemaandloon in plaats van het wettelijk minimum maandloon. Dit is bijvoorbeeld belangrijk voor u als u van UWV een arbeidsongeschiktheidsuitkering krijgt en een aanvulling vanuit ons fonds. De tekst in het reglement is daarop aangepast. Bent u militair? Dan geldt deze aanpassing niet voor u.