Indexatie

We proberen ieder jaar uw pensioen te verhogen op basis van de stijging van de prijzen. Dit heet indexatie.

Het bestuur van ABP beoordeelt per jaar of indexatie mogelijk is. Dit is afhankelijk van de financiële situatie. De beleidsdekkingsgraad is daarbij bepalend.

De pensioenen zijn niet verhoogd per 1 januari 2017. De financiële situatie van ABP was niet voldoende om de pensioenen over het jaar 2016 te kunnen indexeren. De prijzen stegen in 2016 gemiddeld met 0,19%.

ABP heeft de pensioenen de afgelopen jaren nauwelijks kunnen indexeren:

  • Over het jaar 2016 was er geen indexatie. De prijzen stegen toen met 0,19%.
  • Over het jaar 2015 was er geen indexatie. De lonen stegen toen met 1,61%.
  • Over het jaar 2014 was er geen indexatie. De lonen stegen toen met 0,63%.
  • Over het jaar 2013 was er geen indexatie. De lonen stegen toen met 0,22%.
  • Over het jaar 2012 was er geen indexatie. De lonen stegen toen met 0,7%.
  • Over het jaar 2011 was er geen indexatie. De lonen stegen toen met 0,25%.
  • Over het jaar 2010 was er geen indexatie. De lonen stegen toen met 1,16%.
  • Over het jaar 2009 was de indexatie 0,28%. De lonen stegen toen met 2,2%.
  • Over het jaar 2008 was er geen indexatie. De lonen stegen toen met 4,73%

De gemiste indexatie (op basis van de gemiddelde stijging van de lonen/prijzen in de sectoren overheid en onderwijs) van 2008 tot en met 2016 is maximaal 11,91%.

  • Gedeeltelijke indexatie is mogelijk bij een beleidsdekkingsgraad van 110% of hoger.
  • Volledige indexatie is mogelijk bij een beleidsdekkingsgraad vanaf ongeveer 122%. (afhankelijk van de rente en beleggingsmix kan de hoogte van deze beleidsdekkingsgraad verschuiven.)  
  • Voor na-indexatie en/of het beëindigen van verlagingen moet ABP voldoen aan twee voorwaarden:
    1. De beleidsdekkingsgraad is hoog genoeg voor volledige indexatie. Dat is vanaf ongeveer 122%.
    2. Het fonds beschikt over het vereist eigen vermogen. Dit is bij een beleidsdekkingsgraad vanaf ongeveer 128%.
    Afhankelijk van de rente en beleggingsmix kan de hoogte van deze beleidsdekkingsgraden verschuiven.
  • De hoogste van deze twee dekkingsgraden is bepalend. Maximaal 20% van de financiële reserve boven de hoogste beleidsdekkingsgraad mag worden gebruikt voor na-indexatie.

Als de financiële positie van ABP voldoende is hersteld en de regels het toelaten kan de beschikbare financiële ruimte gebruikt worden voor na-indexatie (en beëindiging van eventuele pensioenverlagingen). De beschikbare financiële ruimte wordt ingezet voor alle deelnemers met een indexatieachterstand. Dit gebeurt op basis van evenredigheid van de indexatieachterstand en/of verlaging. Hierbij speelt het moment waarop de indexatieachterstand en/of verlaging precies is opgelopen geen rol meer. Wel krijgt de beëindiging van een eventuele pensioenverlaging voorrang op na-indexatie.

Bent u militair en bouwt u nog pensioen op? Of ontvangt u een UGM-uitkering? Dan wordt er een ‘beperkingsbedrag’ vastgesteld als we de pensioenen niet of niet volledig kunnen indexeren.

Beperking van de indexatie houdt in dat de carrièreontwikkeling in de pensioenopbouw niet of slechts gedeeltelijk wordt verleend. De beperking mag nooit meer zijn dan de carrièreontwikkeling in de pensioenopbouw.

Voor het beëindigen van eventuele verlagingen van de pensioenen gelden nu dezelfde regels als voor na-indexatie. Tot 2015 mochten verlagingen al beëindigd worden vanaf een dekkingsgraad van 104,2%, nu ligt deze grens dus op ongeveer 128%. In 2014 is de verlaging uit 2013 van 0,5% beëindigd. Onder de nieuwe regels zou dit niet toegestaan zijn.