U wilt meer of minder pensioen

U kunt uw ouderdomspensioen verhogen of verlagen. Dat kan op een aantal manieren. Combinaties zijn ook mogelijk. Hieronder leggen we dit uit.
[cms: qa-q2]
Over welke situatie wilt u uitleg?
[cms: qa-q2a1]
[cms: qa-q2a2]
[cms: qa-q2a3]
[cms: qa-q2a1]
[par. Hoofdstuk 5.3]

U wilt meer ouderdomspensioen en geen partnerpensioen

U ruilt het hele partnerpensioen in voor een hoger ouderdomspensioen.

[cms: qa-q2a2]
[par. Hoofdstuk 5.3]

U wilt eerst een hoger pensioen en later een lager pensioen. Of andersom.

U kiest tijdelijk voor een hoger of lager pensioen, of andersom.

[cms: qa-q2a3]
[par. Hoofdstuk 5.3]

U wilt eerder of later met pensioen

U stelt uw pensioen uit. Uw pensioen wordt hoger, omdat u langer blijft werken. Als u eerder met pensioen gaat, wordt uw pensioen lager.

Kiest u ervoor om later dan uw AOW-leeftijd met pensioen te gaan en blijft u doorwerken? Dan bouwt u meer pensioen op. Het partnerpensioen is daarom ook hoger dan wanneer u stopt met werken op uw AOW-leeftijd. Kiest u ervoor om eerder dan uw AOW-leeftijd met pensioen te gaan? Dan bouwt u minder pensioen op. Het partnerpensioen is daarom ook lager dan wanneer u stopt met werken op uw AOW-leeftijd. Bij U wilt eerder of later met pensioen dan op de datum waarop u AOW krijgt leest u meer. We gebruiken hiervoor de rekenregels die in Bijlage 1 Tabellenboek van dit reglement staan. Daar staat ook een rekenvoorbeeld.