Herstelplan

ABP verlaagt pensioenen in 2022 niet
ABP hoeft de pensioenen in 2022 niet te verlagen. Dat is de uitkomst van de rekensom die we volgens de regels uit de Pensioenwet hebben gemaakt. Deze berekening wordt het herstelplan genoemd. De mogelijkheid dat we in de jaren daarna de pensioenen wel moeten verlagen blijft echter bestaan.

Wat is het herstelplan?

Een herstelplan is een berekening die moet voldoen aan de regels uit de Pensioenwet. Wij gebruiken deze berekening alleen om te beslissen of we de pensioenen moeten verlagen. We gebruiken ons herstelplan niet om te beslissen of de pensioenpremies verhoogd moeten worden, of dat de pensioenen mee kunnen stijgen met de prijsstijgingen. Na positief advies van het verantwoordingsorgaan heeft het ABP-bestuur het herstelplan eind maart ingediend bij toezichthouder De Nederlandsche Bank (DNB). Die heeft het herstelplan officieel goedgekeurd.

Waarom heeft ABP een herstelplan gemaakt?

Volgens de wet moeten pensioenfondsen een herstelplan doorrekenen wanneer de beleidsdekkingsgraad te laag is. De beleidsdekkingsgraad van ABP had eind 2021 hoger dan 126,3% moeten zijn, maar hij was 102,8%. Daarom moesten we ook dit jaar een herstelplan doorrekenen.

Hoe werkt het herstelplan?

Het herstelplan is een berekening die moet voldoen aan de regels uit de Pensioenwet. De berekening leggen we ter goedkeuring aan de toezichthouder voor: De Nederlandsche Bank (DNB). De berekening moet laten zien dat de beleidsdekkingsgraad vanaf eind 2021 binnen 10 jaar naar het vereiste niveau toegroeit. Voor ABP lag het vereiste niveau eind 2021 op 126,3%. Als dit niveau binnen 10 jaar niet wordt bereikt, moeten we in de berekening ons beleid aanpassen om zo het vereiste niveau te kunnen halen, namelijk door in de doorrekening de pensioenen niet te verhogen (niet te indexeren). Als het vereiste niveau dan nog steeds niet binnen 10 jaar wordt bereikt, moeten we de pensioenen verlagen.

Vrijstellingsregeling

Voor pensioenfondsen die eind 2021 een dekkingsgraad van 90% of hoger hadden, was er de mogelijkheid om gebruik te maken van de vrijstellingsregeling om een pensioenverlaging te voorkomen. ABP heeft van die mogelijkheid geen gebruikgemaakt, omdat dat gezien de verbeterde financiële situatie niet nodig was.

Wat zijn de uitkomsten van het herstelplan voor ABP?

In de berekening van het herstelplan bereikt onder het reguliere beleid de beleidsdekkingsgraad vanaf eind 2021 binnen 10 jaar het vereiste niveau van 126,3%. Daarom hoeft ABP in 2022 geen verlaging door te voeren. Het verloop van de beleidsdekkingsgraad is weergegeven in de onderstaande figuur.
Jaar DG primo Premie & Opbouw (M1) Uitkeringen (M2) Indexatie (M3) Renteverandering (M4) Overrendement (M5) Overig (M6) DG ultimo

% %-punt %-punt %-punt %-punt %-punt %-punt %
2022 110.2 -1.9 0.3 -0.3 0.0 4.9 -0.1 111.9
2023 113 -1.4 0.4 -0.8 0.0 4.7 -0.1 114.9
2024 115.8 -1.6 0.4 -1.2 0.0 4.6 -0.1 117.6
2025 118 -1.6 0.5 -1.6 0.0 4.6 -0.1 119.7
2026 119.8 -1.7 0.6 -1.9 0.0 4.6 -0.1 121.5
2027 121.4 -1.7 0.6 -2.1 0.0 4.6 -0.1 123.1
2028 122.7 -1.7 0.7 -2.3 0.0 4.6 -0.2 124.4
2029 123.8 -1.7 0.7 -2.3 0.0 4.6 -0.2 125.5
2030 124.9 -1.8 0.8 -2.5 0.0 4.5 -0.1 126.5
2031 125.8 -1.8 0.8 -2.7 0.0 4.4 -0.1 127.4
Jaar DG beleid DG vereist Premie Indexatie actieven Indexatie inactieven Rendement

% % % % % %
2022 111,9 126.3 25.9 1.9 0.3 0.3
2023 114.9 126.3 27.8 1.9 0.7 0.7
2024 117.6 126.3 26.9 1.9 1 1
2025 119.7 126.3 27 1.9 1.3 1.3
2026 121.5 126.3 26.9 1.9 1.6 1.6
2027 123.1 126.3 26.9 1.9 1.7 1.7
2028 124.4 126.3 26.9 1.9 1.9 1.9
2029 125.5 126.3 27 1.9 1.9 1.9
2030 126.5 126.3 27 1.9 2 2
2031 127.4 126.3 27.1 1.9 2.2 2.2
In het bovenste deel van de tabel staat hoe de dekkingsgraad zich in het herstelplan van jaar tot jaar ontwikkelt. In het onderste deel staan de gebruikte uitgangspunten.  

De oorzaken voor de ontwikkeling zijn: 

  1. De ontvangen premie ten opzichte van nieuwe pensioenopbouw (M1). Door de lage rente is de bijdrage van de premie aan de dekkingsgraad over de hele looptijd van het herstelplan negatief.
  2. De uit te keren pensioenen (M2).
  3. Verhogingen en verlagingen van de pensioenen (M3). 
  4. De rente (M4). Deze heeft in de berekening van het herstelplan geen effect.
  5. Het in het herstelplan ingerekende beleggingsrendement (M5).
  6. In de kolom Overig (M6) is de dekkingsgraad sluitend gemaakt, omdat dat met de voorgeschreven systematiek niet gegarandeerd is. De restpost is klein en heeft verder geen betekenis.
De kolom Beleidsdekkingsgraad (DG-beleid) laat zien dat in 2031 het vereiste niveau van 126,3% wordt gehaald. Het herstel is hiermee al voor het laatste jaar van het herstelplan (2032) bereikt. De werkelijke ontwikkeling van de dekkingsgraad zal in de praktijk zeer waarschijnlijk anders uitpakken. Het effect van veranderingen van de rente (M4) kan grillig en groot zijn. Hetzelfde geldt voor het werkelijke beleggingsrendement (M5).
 
Op het financieel dashboard kunt u de actuele financiële situatie van ABP bekijken.