• Contact

ABP krijgt in 2024 een nieuw beleid

Verhogen en verlagen van de pensioenen en de premie

ABP wil iedereen een goed pensioen bieden: nu en in de toekomst. Om deze ambitie waar te maken, willen we ieder jaar proberen de pensioenen te verhogen als de kosten voor het levensonderhoud stijgen. We kunnen de pensioenen verhogen als dat volgens de regels mag en als er voldoende geld in kas blijft.

Nieuw beleid voor verhogen en verlagen van de pensioenen en de premie

ABP stapt in 2027 over op de nieuwe regels voor pensioen. De huidige pensioenen worden dan omgezet naar de nieuwe pensioenregeling. Wij bereiden ons daar nu op voor en liggen goed op schema. Voor de berekening van de verhoging van de pensioenen in 2024 maken we gebruik van de soepelere regels van de overheid. Daarnaast past ABP het beleid aan voor het verhogen en verlagen van de pensioenen en de premie. Dit voorgenomen beleid treedt naar verwachting per 1 juli 2024 in werking, totdat we in 2027 overgaan op de nieuwe regels voor pensioen. 

Met het nieuwe beleid kunnen we de pensioenen meer verhogen

Tot we 1 januari 2027 overgaan naar de nieuwe regels voor pensioen kijken we ieder jaar in november of we de pensioenen kunnen verhogen. En zo ja, met hoeveel we dan verhogen. Dat betekent met het nieuwe beleid het volgende:

  • ABP kan de pensioenen verhogen vanaf een actuele dekkingsgraad van 110%. Het geld dat beschikbaar is voor verhoging hoeven we niet meer te verdelen over verhogingen in de toekomstige jaren, maar mogen we volledig inzetten voor een verhoging in het eerstvolgende jaar: het jaar waarin de verhoging ingaat. Dit betekent dat we dan meer kunnen verhogen;

  • ABP kan de pensioenen maximaal verhogen met een percentage dat gelijk is aan de stijging van de prijzen (inflatie) volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). We kijken daarbij naar de inflatie in de periode van 1 september van het vorige jaar tot en met 31 augustus van het huidige jaar;

  • ABP verhoogt de pensioenen alleen als de actuele dekkingsgraad door de verhoging niet onder de 110% zakt. Zo houdt ABP er rekening mee dat er bij de overgang naar de nieuwe regels voor pensioen op 1 januari 2027 voldoende geld in kas blijft; 

  • ABP kan de pensioenen verhogen als ABP de verhoging voor alle deelnemersgroepen evenwichtig vindt: we houden rekening met de belangen van alle deelnemers, jong en oud. We brengen mogelijke verschillen tussen generaties in beeld en geven er uitleg bij.

Het nieuwe beleid beschrijft ook voorwaarden voor het verlagen van de pensioenen

We willen natuurlijk voorkomen dat we de pensioenen moeten verlagen. Met het nieuwe beleid kunnen we de pensioenen meer verhogen dan nu het geval is. Aan de andere kant moeten we er in  het nieuwe beleid ook voor zorgen dat er voldoende geld in kas blijft voor de overgang op de nieuwe regels voor pensioen in 2027. Daarom moeten we ook de voorwaarden aanpassen voor het verlagen van de pensioenen. In dit nieuwe beleid staat dat ABP de pensioenen verlaagt als één van de volgende 2 situaties aan de orde is:

  1. Is de dekkingsgraad lager dan 90%? Dan moet ABP de pensioenen per direct verlagen, zodat de dekkingsgraad na verlagen gelijk is aan 90%. ABP mag de verlaging in stappen verdelen over de periode totdat we overgaan op de nieuwe regels voor pensioen (1 januari 2027);
  2. Ieder jaar maken we een berekening van de dekkingsgraad op het moment dat we overgaan op de nieuwe regels voor pensioen. Wordt deze verwachte dekkingsgraad lager dan 102%? Dan moet ABP de pensioenen verlagen, zodat de verwachte dekkingsgraad na verlaging 102%* wordt;
      a) Als ABP het implementatieplan voor de overgang op de nieuwe regels voor pensioen nog niet heeft ingediend bij de Nederlandsche Bank, dan mag ABP de verlaging in stappen verdelen over de periode totdat we overgaan (1 januari 2027);
      b) Als ABP het implementatieplan voor de overgang op de nieuwe regels voor pensioen wél heeft ingediend bij de Nederlandsche Bank, dan mag ABP de verlaging niet in stappen verdelen en moet ABP de pensioen in één keer verlagen. Naar verwachting dienen we het implementatieplan in 2024 in.

Implementatieplan
In het implementatieplan leggen we vast hoe de
nieuwe pensioenregeling in elkaar zit, hoe we de
regeling (technisch) gaan uitvoeren en welke stappen
we zetten om de regeling uit te kunnen voeren. Daarbij
beschrijven we ook hoe de bestaande pensioenen naar de
nieuwe pensioenregeling gaan. Het implementatieplan is
een plan waarin we ook de kosten en de risico’s en de
beheersingsmaatregelen verantwoorden.

Voorbeeld 1, waarbij we maximaal kunnen verhogen
Bij een inflatie van 3% en een dekkingsgraad van 113,3% (of hoger) kunnen de pensioenen volledig worden verhoogd. De pensioenen kunnen namelijk worden verhoogd met het percentage dat gelijk is aan de inflatie. In dit voorbeeld is dat 3%. De dekkingsgraad neemt dan na deze verhoging af tot 110% (of hoger).

Voorbeeld 2, waarbij we gedeeltelijk kunnen verhogen
Bij een inflatie van 3% en een dekkingsgraad tussen 110% en 113,3% kunnen de pensioenen gedeeltelijk worden verhoogd. De pensioenen kunnen niet maximaal worden verhoogd omdat de dekkingsgraad dan onder 110% zakt.

Voorbeeld 3, waarbij we niet kunnen verhogen
Bij een inflatie van 3% en een dekkingsgraad van 110% (of lager) kunnen de pensioenen niet worden verhoogd. Een verhoging van de pensioenen zou er dan namelijk voor zorgen dat de dekkingsgraad (verder) onder 110% zakt. Dat willen we niet, omdat we in 2027 overgaan op de nieuwe regels voor pensioen.

* Na het indienen van het implementatieplan kan deze 102% mogelijk nog veranderen.

visual-indexatie

Voorbeeld 4, waarbij we moeten verlagen
Bij een dekkingsgraad lager dan 90% moeten de pensioenen worden verlaagd. De dekkingsgraad ligt onder de wettelijke ondergrens van 90%. ABP moet de pensioenen verlagen, zodat de dekkingsgraad na verlagen gelijk is aan 90%. De (hoogte van de) inflatie speelt bij verlagen geen rol

Voorbeeld 5, waarbij we moeten verlagen
Uit berekening blijkt dat de verwachte dekkingsgraad op het moment dat we overgaan op de nieuwe regels voor pensioen 100% wordt. ABP moet de pensioenen verlagen met ongeveer 2%, zodat de verwachte dekkingsgraad na verlagen gelijk wordt aan 102%. De (hoogte van de) inflatie speelt bij verlagen geen rol.

In het nieuwe beleid vervalt de premieopslag

Tot nu toe hielden we rekening met een premieopslag van 1,5%-punt als de beleidsdekkingsgraad lager is dan 110%. Omdat we overgaan op de nieuwe regels voor pensioen, vindt ABP dat de premieopslag kan vervallen. Een premieopslag draagt maar heel weinig bij aan een hogere dekkingsgraad in de periode tot aan de overgang op de nieuwe regels voor pensioen. Terwijl een premieopslag wel gevoeld wordt door zowel werkgevers als werknemers. Het vervallen van de premieopslag zorgt voor stabiliteit van de premie op weg naar de overgang op de nieuwe regels voor pensioen.

Het nieuwe beleid is nog niet definitief

Ons nieuwe verhogings- en verlagingsbeleid bekijken we in het voorjaar van 2024 opnieuw. Het Verantwoordingsorgaan geeft hier advies over. Daarna leggen we het vast in een overbruggingsplan. Het overbruggingsplan dienen we in bij De Nederlandsche Bank voor een akkoord. We houden u op deze webpagina op de hoogte van de ontwikkelingen. Als er nieuws is, laten we u dat weten.