Toepassing 10%- knip

Hieronder leest u een beslissing van de Commissie van Beroep. U kunt geen rechten ontlenen aan deze tekst. Om de privacy van onze deelnemers te beschermen, zijn de gebruikte namen niet echt. 

Het probleem: ABP wil Brams pensioen niet verhogen

Bram is van mening dat ABP zijn pensioen moet verhogen. Volgens hem voerde ABP in het verleden een aantal wijzigingen niet goed door. 

De situatie: ABP paste een 10%-knip toe op het pensioen van Bram

Bij de toekenning van Brams pensioen paste ABP een 10%-knip toe. Want zijn salaris in 2004 was meer dan 10% hoger dan zijn salaris in 2003. Maar zijn oud-werkgever corrigeerde zijn salaris uit 2004. ABP draaide de 10%-knip vervolgens terug. Het pensioen van Bram werd daardoor hoger. Bram is van mening dat hij bij het terugdraaien van de 10%-knip te weinig pensioen heeft ontvangen. Ook vindt hij dat zijn pensioenopbouw tijdens zijn ontslagperiode niet juist was. ABP vindt dat ze het pensioen van Bram juist heeft berekend.

De beslissing: ABP hoeft het pensioen van Bram niet te verhogen

De Commissie stelt vast dat ABP het pensioen van Bram bij het terugdraaien van de 10%-knip op de juiste wijze verhoogde. ABP verhoogde het aantal pensioenjaren evenveel als dat het eerder was verlaagd. Volgens de Commissie heeft ABP Bram hierover ook volledig en uitgebreid geïnformeerd. Het opgebouwde pensioen over de ontslagperiode is komen te vervallen. De oud-werkgever van Bram draaide zijn ontslag terug. Omdat Bram in dienst bleef heeft hij over deze periode 100% pensioen opgebouwd. ABP heeft deze aanpassing op de juiste wijze in het pensioen van Bram verwerkt. 

 

Zie: toepassing 5%-knip | ABP