1. Alternatieve woonvormen – Van levensloopbestendig naar levenslang flexibel
Het concept ‘levensloopbestendig’ is achterhaald, stellen de jongeren die met dit vraagstuk aan de slag gingen. Woonbehoeften veranderen sneller dan ooit, en woningen moeten daarop inspelen. De oplossing: modulaire woningen die zich aanpassen aan de levensfase van bewoners. Denk aan verplaatsbare muren, flexibele indelingen en gedeelde ruimtes die eenzaamheid tegengaan. Deze flexibiliteit maakt woningen niet alleen geschikt voor verschillende levensfasen, maar speelt ookin op nieuwe woonvormen zoals co-housing. Hierbij leven meerdere huishoudens samen in één huis. Iedereen heeft een eigen privéruimte, maar voorzieningen als keukens, eetruimtes, tuinen of werkplekken worden gedeeld. Dit concept benut de beschikbare vierkante meters efficiënter, verlaagt woonkosten en vergroot de sociale verbinding. Allemaal belangrijke factoren om de druk op de woningmarkt te verlichten.
- Kernidee: Bouw een framework dat verschillende woonvormen mogelijk maakt. Van ‘vast’goed naar ‘flexibel’goed.
- Impact: Meer sociale verbondenheid, minder verhuisstress en duurzamere woningen.
2. Regie op ruimte en een visie voor 2050 – Werken met de natuur, niet ertegen
Waar gaan we bouwen? De ruimtelijke ordening van Nederland speelt een belangrijke rol in het oplossen van het woningtekort, stelt de jongerendenktank die over dit onderwerp nadachten. Er is regie nodig. Niet alles in de Randstad, maar sterke regionale kernen met ruimte voor natuur. Denk bijvoorbeeld aan water en biodiversiteit in de vorm van sloten in de wijken, vijvers, groene daken en tuinen die regenwater opvangen. Het uitgangspunt: werk mét de natuur, niet ertegen. Houd juist rekening met overstromingsgebieden, bodemgesteldheid en ecologische verbindingen. Kortom, klimaatadaptatie en ruimte voor water zijn cruciaal.
- Kernidee: Combineer regionale spreiding met duurzaamheid en een langetermijnvisie.
- Impact: Minder druk op de Randstad, meer balans tussen wonen, natuur en infrastructuur.
3. Benutten van bestaande woonruimte – Splitsen en delen
Woningen in wijken uit de jaren ’70 en ’80 zijn ruim opgezet, maar tegenwoordig vaak onderbezet. Woonden er vroeger gemiddeld 3,6 bewoners per woning, nu zijn dat er gemiddeld 2,1. Een verschil dat zorgt voor veel onbenutte ruimte. Deze wijken zijn destijds ontworpen voor grotere huishoudens, maar de gezinsgrootte is structureel afgenomen. De oplossing volgens de jongeren? Splits een rijtjeswoning in twee of zelfs drie compacte wooneenheden. Daarmee benut je bestaande vierkante meters volledig en voeg je woningen toe zonder nieuwbouw. Daarnaast pleitten ze voor hospitaverhuur, waarbij bewoners met extra kamers starters of studenten in huis nemen. Dit verlaagt woonkosten, vergroot de sociale verbinding en biedt snel extra woonruimte. Beide ideeën vragen om versoepelde regelgeving en creatieve ingrepen. Zoals het realiseren van aparte ingangen, kleine uitbouwen en het aanpassen van plattegronden. Deze aanpak is aantrekkelijk omdat ze relatief snel uitvoerbaar is, minder bouwafval oplevert en betaalbare woonruimte creëert. Precies wat er nodig is om de druk op de woningmarkt te verlichten.
- Kernidee: Gebruik wat er al is – zonder nieuwbouw toch duizenden woningen toevoegen.
- Impact: Snelle winst, minder bouwafval en betaalbare woonruimte voor starters.
4. Sneller en slimmer bouwen – Industrialisatie en circulaire concepten
Een van de grootste knelpunten in de woningmarkt is de beperkte bouwcapaciteit. Door personeelstekorten en stijgende kosten is het huidige bouwtempo onvoldoende om het tekort in te lopen. De jongeren die zich over dit vraagstuk bogen, zien de oplossing in innovatie. Allereerst pleitten ze voor industrialisatie: standaardconcepten uit woningfabrieken die snel en efficiënt kunnen worden geproduceerd, gecombineerd met flexibele ontwerpen voor verschillende woonbehoeften. Bovendien liggen er kansen in circulair bouwen. Daarbij worden materialen hergebruikt en zijn constructies ‘losmaakbaar’, zodat gebouwen eenvoudig kunnen worden aangepast of verplaatst. Tot slot kwamen er financiële en culturele prikkels op tafel om de doorstroming te stimuleren. Zoals een ‘woontax’ voor onderbenutte grote woningen en een optie om de overwaarde te kunnen overdragen, bijvoorbeeld van ouders naar kinderen.
- Kernidee: Van lineair naar circulair, van maatwerk naar modulair – en van bezit naar gebruik. Door standaardisatie en hergebruik te combineren met slimme prikkels, ontstaat een woningmarkt die sneller kan reageren op veranderende behoeften.
- Impact: Deze aanpak kan niet alleen de oplevering versnellen en kosten verlagen, maar ook de CO₂-footprint drastisch verkleinen. Bovendien maakt het woningen toekomstbestendig en sociaal inclusiever, doordat flexibiliteit en duurzaamheid centraal staan.