Wat u moet weten over de gesprekken rond het nieuwe pensioencontract

7 vragen – en antwoorden – over de stand van zaken

De onderhandelingen rond de uitwerking van het pensioenakkoord zijn in volle gang. En deze weken moeten belangrijke knopen worden doorgehakt. Maar het wordt er natuurlijk niet overzichtelijker op, met al die gesprekken. Want hoe zit het nou precies? Wie onderhandelt met wie? En waarom ook al weer? We zetten het in een paar vragen graag voor u op een rij.

Deze pagina is geactualiseerd op 25 juni 2020.

1. Wie overlegt nu met wie over de uitwerking van het pensioencontract?

Dat doet een speciale stuurgroep. Deze groep bestaat uit sociale partners (werkgevers en werknemers), toezichthouders (bijvoorbeeld de Nederlandse Bank), de Pensioenfederatie, wetenschappers en het Centraal Planbureau als adviserende organisatie en vertegenwoordigers van het kabinet. Op 19 juni heeft Minister Koolmees (Sociale Zaken) een notitie met de hoofdlijnen van het akkoord naar de sociale partners gestuurd. De verwachting is dat de FNV op 4 juli hierover stemt. Omdat de Kamer op 3 juli met zomerreces gaat, is nog onduidelijk of het akkoord met de Tweede en Eerste Kamer voor de zomervakantie besproken wordt.

2. Nog even terug naar het begin: waarom wordt er gewerkt aan een nieuw pensioencontract?

We hebben een goed pensioenstelsel als je kijkt naar de hoeveelheid gespaard pensioengeld. In vergelijking met de meeste andere landen is de armoede onder gepensioneerden in Nederland bijvoorbeeld laag. Maar ook goede zaken moeten soms op de schop. Pensioen moet persoonlijker; met meer keuzevrijheid voor deelnemers. Dat is nodig omdat de Nederlandse arbeidsmarkt is veranderd. Mensen blijven gemiddeld minder lang bij dezelfde werkgever of kiezen vaker voor een bestaan als zelfstandige.

3. Zijn er zaken die al zijn beklonken en waar iedereen het over eens is?

Iedereen is het eens over het pensioenakkoord van juni 2019. In dit akkoord zijn doelen gesteld, zoals eerder meer duidelijkheid over verlagen of verhogen, meer stabiliteit in de premie en een persoonlijk en transparanter pensioen. De verdere uitwerking van het pensioencontract wordt getoetst aan deze doelen.

4. Wat gaat mogelijk veranderen?

Het stelsel wordt persoonlijker en transparanter. Deelnemers krijgen duidelijk inzicht in het voor hen opgebouwde vermogen, de ingelegde premie en het bijgeschreven rendement. Het verwacht pensioen wordt geschetst in drie scenario’s: die van economisch slecht weer, goed weer en een stabiele situatie. We praten dan niet meer over aanspraken en dekkingsgraden. In het nieuwe stelsel kunnen pensioenen makkelijker omhoog, maar ook omlaag als het tegenzit. De pensioenen zullen meer meebewegen met de economie.

5. Wat blijft hetzelfde?

Je blijft automatisch pensioen opbouwen via jouw werkgever. Collectiviteit en solidariteit tussen de generaties blijven ook in het nieuwe stelsel de belangrijkste pijlers. Je blijft net als nu informatie ontvangen over het verwachte pensioen in normale omstandigheden, maar ook als het meezit of tegenzit.

6. Wat zijn nu de volgende stappen?

Als de betrokken partijen het eens zijn gaat de regering aan de slag met het opstellen van wetgeving. Doel is om die op 1 januari 2022 af te hebben. In de stappen daarna moeten sociale partners en pensioenfondsen binnen hun eigen organisaties diverse beslissingen nemen, bijvoorbeeld over de hoogte van de premie en het beleggingsbeleid.

7. Wanneer ga ik daarvan wat merken als deelnemer?

Het is te nog onzeker om daar nu iets over te zeggen, maar het zal zeker nog even duren. Er circuleren data als 1 januari 2026 of het jaar daarop. Volledige zekerheid over de invoerdatum is er nog niet.
Vindt u op onze site niet het antwoord op uw vraag? Neem dan contact met ons op via 045 579 60 70. U kunt ons natuurlijk ook mailen óf stel u vraag via de chat.

29-05-2020

Hulp nodig?