Praten met Later: ‘Elke dag ga ik met goede zin aan de slag’

Benjamin Bahtiri en Ruud Nicolaas over hun werk bij de Sociale verzekeringsbank (SVB)
23 september 2022
Welke keuzes maakt u in uw werk? Hoe blijft u vitaal? Wat kunnen senior- en junior-medewerkers van elkaar leren? In Praten met Later spreken we collega’s over hun vakgebied, ervaringen en plannen. In de vijfde aflevering serviceteammedewerker Benjamin Bahtiri (30) en juridisch beleidsadviseur Ruud Nicolaas (65) over hun werk bij de Sociale verzekeringsbank (SVB).

Hoe zijn jullie in het vak gerold?

Benjamin: “Tot mijn 27ste was ik actief in het profvoetbal. Zo heb ik 6 jaar bij Helmond Sport en 2,5 jaar bij Fortuna Sittard gespeeld. Daarna ben ik en als semiprof verder gegaan in België. Tegelijkertijd volgde ik de opleiding Sport, Economie en Communicatie aan de Johan Cruyff University in Tilburg. Dat was toen de enige hbo-studie die ik kon combineren met voetbal.
In 2020 kwam corona en viel alles stil. Toen ben ik gaan kijken naar een maatschappelijke carrière. Want op een gegeven moment merkte ik dat het hoogst haalbare er niet meer in zit in de voetballerij. Zittend werken vanachter een scherm was in het begin erg wennen voor mij. De dagen lijken dan erg lang. Ik startte bij de Belastingtelefoon. 1,5 jaar geleden stapte ik over naar de SVB. Hier kan ik me doorontwikkelen en dat bevalt heel goed. Natuurlijk voetbal ik nog steeds graag. Maar dan na het werk.”
Ruud: “Eigenlijk wilde ik fysiotherapeut worden. Maar toen kreeg ik een vakantiebaan bij de Raad van de Arbeid (in 1998 gefuseerd met de SVB, red.). Dat beviel zo goed dat ik 46 jaar ben gebleven. Dat eerste salaris herinner ik me nog goed: je voelt je dan zo rijk!
Ik begon dus net als Benjamin als een jong broekie. Nu ben ik de afdeling ‘kommer en kwel’: als je er niet uit komt, moet je Ruud Nicolaas bellen. Mijn hele loopbaan heb ik graag kennis overgedragen. Zo heb ik onder meer studieboeken geschreven en tientallen jaren (in- en extern) opleidingen gegeven in het vakgebied. De inhoud interesseert mij enorm. De SVB heeft mij altijd de kans gegeven om nieuwe uitdagingen aan te gaan. Ik ben bijvoorbeeld leidinggevende geweest in het toenmalige kantoor in Arnhem en ik mocht een afdeling Kwaliteit en Dienstverlening opzetten en leiden toen we PGB (Persoonsgebonden Budget) gingen uitvoeren. Ook heb ik in het buitenland gewerkt aan EU-projecten.”

Wat maakt dit vak interessant?

Benjamin: “Ik beoordeel of iemand recht heeft op AOW. Ik voer wijzigingen door, zoals een nieuw adres of een nieuw bankrekeningnummer. Nu heb ik er een stuk internationale wetgeving bij. Als iemand in het buitenland woont en/of werkt, kan het zijn dat hij geen AOW opbouwt. En ik krijg te maken met internationale verdragen.
Soms vallen mensen door hun persoonlijke situatie nét naast de regels. Of de toekenning duurt lang en mensen komen in geldproblemen. Wat doe je dan? Bij twijfel kan ik altijd sparren met ervaren collega’s. Ik leer daardoor heel snel bij. Dat is mooi, want ik wil me blijven ontwikkelen. Bij eentonig werk haak ik af. Laatst belde iemand vanuit Bonaire om mij apart te bedanken dat hij zo goed geholpen was. Dat motiveert me ook om mijn werk goed te doen.”
Ruud: “Benjamin slaat de spijker op zijn kop. AOW uitbetalen volgens de regels van de wet? Daar ben je zo op uitgekeken. De ambitie en de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de SVB reikt verder. We hebben geen klanten, maar cliënten. Mensen zijn afhankelijk van ons. We gaan bijvoorbeeld ook zelf actief op zoek naar mensen die recht hebben op aan AOW-uitkering of een andere uitkering, maar zich daarvoor nog niet gemeld hebben.
We geven uitvoering aan wetgeving en jurisprudentie van uitspraken in eerdere rechtszaken. Spannend zijn de situaties die Benjamin benoemde. Zo’n ‘onevenredige uitkomst’ willen we voorkomen. Hoe kunnen we mensen dan toch helpen? We willen helpen, maar ook voorkomen dat we voor iemand een uitzondering maken waar andere mensen weer rechten aan kunnen verlenen. Die ruimte zoeken in de regels is het mooiste van mijn werk. Elke dag ga ik met goede zin aan de slag: kijken wat de dag nu weer gaat brengen .”

Verwachten jullie dat de komende jaren veel gaat veranderen?

Benjamin: “Het stapsgewijs verhogen van de AOW-leeftijd. Mijn leeftijdsgenoten vragen zich af wanneer we AOW gaan krijgen en hoeveel dat zal zijn. Verder is het interessant om te kijken wat het werken met algoritmes ons gaat brengen.” 
Ruud: “De uitvoeringsorganisatie en de betaalbaarheid van de oudedagsvoorzieningen. Bij dat laatste denk ik vooral aan de eigen verantwoordelijkheid bij jongeren en zelfstandige ondernemers. Ik kan me goed voorstellen dat jongeren denken ‘zien we dan wel’. Maar alleen AOW is een kale boterham, hoor! Check je aanvullend pensioen. Zorg dat je als ondernemer ook voor later (met lijfrente) een pensioen regelt. En let op dat je bij overlijden of arbeidsongeschiktheid je nabestaanden of jezelf niet ‘afscheept’ met een bijstandsuitkering. De regels blijven veranderen, houd het in de gaten.
Verder moeten we uitkijken dat we met digitalisering niet doorslaan. We worden steeds meer afhankelijk van de mogelijkheden en beperkingen van IT en databestanden. IT is niet meer dan een hulpmiddel bij de rechtmatige uitvoering en niet andersom. Maatwerk blijft nodig.”

Welke rol speelt diversiteit in jullie werk?

Benjamin: “De SVB wil een afspiegeling zijn van de maatschappij. Daarom heb ik veel collega’s met een niet-Nederlandse achtergrond. Ik ben bijvoorbeeld geboren in Kosovo. Door de Joegoslavië-oorlog hebben mijn ouders in 1997 alles moeten opgeven om mijn broers, zusje en mij een toekomst te geven. Dat maakte dat ik als kind echt mijn best deed. Ik wilde niet ondankbaar zijn.
In mijn werk merk ik dat ik de internationale vraagstukken interessant vind. De situatie met Oekraïne is voor mij een flashback. Ook deze mensen laten alles achter.”
Ruud: “Ik heb nooit gemerkt dat diversiteit in mijn werk een issue vormde. Ik ken de SVB niet anders dan een gemeenschap van collega’s die geen punt maken van verschillen tussen mensen en afkomst.”

Hoe blijven jullie gezond aan het werk?

Benjamin: “Ik ga ‘s avonds sporten. Na een lange dag kost het soms veel energie om jezelf actief te krijgen. Maar na het sporten ben ik altijd blij dat ik het heb gedaan. Ik voel me de volgende dag ook beter, vitaler, dan als ik op de bank was blijven zitten.” 
Ruud:  “Bewegen is goed, als je gezondheid het toelaat. En je gezondheid heb je helaas niet helemaal zelf in de hand. Van mijn werk heb ik veel te veel mijn hobby gemaakt. Ik ben dankbaar dat ik telkens nieuwe uitdagingen kon aangaan. Dat leidt bij mij nog steeds tot veel ‘arbeidsvitamines’ die me ook gezond houden in mijn werk.”

Wat gaan jullie als eerste doen na jullie pensioen?

Ruud: “Mijn AOW-leeftijd bereik ik volgend jaar september. Ik krijg dus nog 1 kerstpakketje. Er is genoeg te doen: klussen, reizen, fotograferen, vrijwilligerswerk of weer terug in een bestuur. Verder heb ik meer tijd voor mijn (klein-)kinderen en bijvoorbeeld om leuke voetbalwedstrijden te kijken!” Benjamin: “Ik ben echt een familiemens. Hopelijk heb ik dan nog veel familie in de buurt en leven mijn ouders nog, zodat ik met hen een reis kan maken. Maar mijn pensioen is nog ver weg. In februari verwachten mijn partner en ik ons eerste kind. Daar gaat nu alle aandacht naar uit.”

Hebben jullie een tip aan collega’s?

Benjamin: “Zorg dat je je werk leuk vindt en dat je achter datgene staat wat je doet. Blijf vitaal. Als je goed in je lijf zit, kun je je werk ook goed doen. Werkgevers hebben daarin een belangrijke rol. Ze zeggen wel: je moet gaan sporten. Maar ondertussen krijg je daar niet altijd de ruimte voor en wordt de werkdruk verder verhoogd. Het helpt als sporten minder vrijblijvend is. Ik ben weer serieuzer gaan voetballen. Dan wil je je team niet in de steek laten.
En net zo belangrijk: leef niet teveel in de toekomst en geniet ook van het hier en nu voordat je met pensioen gaat.”
Ruud: “Maak gebruik van de mogelijkheden die je werkgever biedt, zoals een korting op de sportschool. Pak de trap. Dat is gratis sport. En denk aan je pensioenopbouw. Tip aan Benjamin: je hebt misschien pensioen in België opgebouwd toen je daar als semiprof voetbalde. Kijk of je dat kunt overdragen aan ABP. En die reis met je ouders? Stel het niet uit. Doe het nu!”