Versnelde verhoging AOW-leeftijd: de gevolgen voor uw inkomen

De AOW-leeftijd gaat nog sneller omhoog dan eerst gepland. Dat zijn VVD-leider Mark Rutte en PvdA fractievoorzitter Diederik Samsom overeengekomen in het deelakkoord dat zij 1 oktober presenteerden. Daarin hebben ze afgesproken dat de AOW-leeftijd vanaf 2013 stapsgewijs omhoog gaat naar 66 jaar in 2018. In 2021 krijgt iemand pas op zijn 67e AOW. De nieuwe voorstellen voor de versnelde verhoging van de AOW-leeftijd moeten nog wel worden omgezet in wetgeving. 

Wat zijn de gevolgen voor uw inkomen?

De Sociale Verzekeringsbank (SVB) voert de AOW-regeling uit. Met name mensen die gebruikmaken van de VUT, een prepensioen of een vervroegd ouderdomspensioen kunnen in de problemen komen door de verhoging van de AOW-leeftijd. Bij het stoppen van de VUT of prepensioen krijgt iemand ouderdomspensioen. Normaal gesproken kwam daar ook de AOW bij. Maar omdat de AOW vanaf 2013 later ingaat, kan iemand dus tijdelijk te weinig inkomen hebben.

De gevolgen van de versnelde verhoging van de AOW-leeftijd worden wel verzacht door de SVB. Zo komt er een overbruggingsregeling voor mensen die per 1 januari 2013 deelnemen aan een VUT of prepensioen. Een andere voorgestelde verandering is het invoeren van een doorwerkbonus voor werknemers van 61 tot 65 jaar. De WIA, de WAO, de Anw en de WW lopen door tot de nieuwe AOW-leeftijd.

Wat betekent de verhoging van de AOW-leeftijd voor uw pensioen?

Sociale partners (vakbonden en werkgeversorganisaties) maken afspraken op welke manier deze voorstellen in de ABP-regeling worden opgenomen. Zij zijn op dit moment nog hierover in overleg. Inmiddels is wel besloten dat de AOW-overbrugging voor ABP KeuzePensioen langer doorloopt. Sociale partners moeten nog besluiten of een AOW-overbrugging ook voor mensen met FPU of een militair ouderdomspensioen mogelijk wordt. De verhoging van de AOW-leeftijd heeft in principe geen gevolgen voor ABP ArbeidsongeschiktheidsPensioen, ABP InvaliditeitsPensioen en/of Herplaatsingstoelage (IP/HPT) en de Anw-compensatie van ABP. Deze regelingen blijven ongewijzigd en stoppen op de eerste dag van de maand waarin iemand 65 jaar wordt.

Dat betekent het volgende voor uw pensioen:

  • ABP KeuzePensioen

Met ABP KeuzePensioen bepaalt u zelf wanneer u met pensioen gaat. Dit kan tussen uw 60e en 70e. Het kan dus zo zijn dat u nog geen AOW van de overheid krijgt als u met pensioen gaat. Met ABP KeuzePensioen compenseert u de AOW en blijft uw inkomen gelijk. Dat was al zo tot de huidige AOW-leeftijd. Sociale partners hebben besloten dat deze compensatie ook mogelijk wordt tot de nieuwe AOW-leeftijd. Dat betekent wel dat uw pensioenuitkering voor de rest van uw leven iets lager zal zijn.

  • FPU

Als u gebruikmaakt van FPU, ontvangt u tot de eerste dag van de maand volgend op uw 65e verjaardag FPU. Vanaf dat moment gaat het ABP OuderdomsPensioen in. Als u in 2012 65 jaar wordt, bestaat uw inkomen uit AOW van de SVB en ABP OuderdomsPensioen. Maar vanaf 2013 geldt een hogere AOW-leeftijd en gaat uw AOW-uitkering dus later in. Daardoor kunt u tijdelijk te weinig inkomen hebben. De SVB voert daarom een overbruggingsregeling in. U kunt daarvan gebruikmaken als u op 1-1-2013 met FPU bent. Voorwaarde is wel dat u niet meer inkomen hebt dan 150% van het wettelijke minimumloon.  Ook komt er een partner- en vermogenstoets. Een eigen woning en pensioenvermogen tellen hierbij niet mee. Met deze overbruggingsregeling vervalt de voorschotregeling in de vorm van een renteloze lening, zoals die per 1 januari 2013 zou worden ingevoerd.

  • UGM

Als u als militair stopt met werken en met leeftijdsontslag gaat, krijgt u op basis van de Uitkeringswet Gewezen Militairen (UGM) een uitkering. Vanaf uw 65ste krijgt u ABP OuderdomsPensioen. Als u in 2012 65 jaar wordt, bestaat uw inkomen uit AOW van de SVB en ABP OuderdomsPensioen. Maar vanaf 2013 geldt een hogere AOW-leeftijd en gaat uw AOW-uitkering dus later in. Daardoor kunt u tijdelijk te weinig inkomen hebben.  De SVB voert daarom een overbruggingsregeling in. U kunt daarvan gebruik maken als u op 1-1-2013 een UGM-uitkering hebt.  Voorwaarde is wel dat u niet meer inkomen hebt dan 150% van het wettelijke minimumloon.  Ook komt er een partner- en vermogenstoets. Een eigen woning en pensioenvermogen tellen hierbij niet mee. Met deze overbruggingsregeling vervalt de voorschotregeling in de vorm van een renteloze lening, zoals die per 1-1-2013 zou worden ingevoerd.

Voor meer informatie over de veranderingen in de AOW en de eventuele overbruggingsregeling kunt u contact opnemen met de SVB.

Datum: 09-10-2012

Deel artikel via:  

Kunnen wij u helpen?




#tm160-140830 #doelgroep-actief